HARDDISKS 2 ~LEGO.FIL~ ~RED.PAL~ 10 Dit levert meteen een aantal andere grote voordelen op. De doorvoersnelheid kan omhoog en er kunnen 4 apparaten aangestuurd worden. De doorvoersnelheid kan opgevoerd worden van 5 Megabit per seconde naar 13 tot 16 Megabit per seconde. Later zelfs naar 20 Megabit per seconde. Dit alles is afhankelijk van de bus. (Vesa local bus of PCI) Doorvoermogelijkheden van 11 Megabit per seconde zijn nu al mogelijk door middel van speciale buffer-technieken. Alhoewel EIDE een aardig eindje in de richting komt van SCSI is het er nog niet helemaal. Bij SCSI (Small Computer System Interface) heb je de problemen niet die optreden bij IDE. SCSI is vooral op komen zetten na de komst van de CD-ROM speler. Bij SCSI is het mogelijk 7 verschillende apparaten aan te sturen met 1 controller kaart. De apparaten worden net als bij een netwerk in een soort van kring aangesloten. Door elk apparaat een ander identificatie-nummer te geven weet de controller het juiste apparaat aan te sturen. Het grote voordeel van SCSI is dat het in principe niet uitmaakt wat voor apparaat er "aangehangen" wordt. Zolang het maar een SCSI-interface heeft kan het door de controller bestuurt worden. Het grote nadeel dat SCSI tot voor kort had was dat het installe- ren niet altijd van een leien dakje ging. Er moet een stuurbestand met verschillende parameters worden geladen. In de beginjaren wilde dit nog wel eens tot conflicten leiden. Iedere SCSI-fabrikant had zo'n beetje zijn eigen idee van een SCSI stuurbestand. En deze verschillende stuurbestanden konden het toch niet altijd met elkaar vinden. De laatste tijd is echter door toedoen van de fabrikant Adaptec een standaard ontstaan, die een oplossing biedt voor deze wild groei. Wanneer u een ASPI stuurbestand (Adaptec of Advanced SCSI Program Interface) laadt, dan kunt u in principe allerlei randap- paratuur door elkaar gebruiken. 11 4. De aanschaf van een Harddisk Bij de aanschaf van een harddisk moeten we op de capaciteit letten, maar dat is niet het enige wat belangrijk is bij een harddisk. De snelheid is ook erg belangrijk. Om programma's en gegevens snel te kunnen laden moet de harddisk over een lage gemiddelde toegangstijd beschikken. Deze tijd wordt weergegeven in milliseconden. De maatstaf die men hiervoor over het algemeen gebruikt is: * Slecht Meer dan 65 ms * Matig rond de 40 ms * Goed rond de 25 ms * Erg goed onder de 17 ms. De zogenaamde overdrachtssnelheid geeft aan hoeveel gegevens in een bepaald tijdsbestek van de harddisk naar het werkgeheugen van de computer kunnen worden verstuurd. Naast de gemiddelde toegangstijd is deze factor doorslaggevend voor de prestaties van een harddisk. De overdrachtssnelheid staat aangegeven in Megabits per seconde en bepaalt dus het aantal bits dat per seconde kan worden uitgewis- seld tussen harddisk en werkgeheugen. De overdrachtssnelheid hangt niet alleen af van de harddisk, maar ook van de gebruikte control- ler. Bij een harddisk waarvan de controller is aangesloten op de ISA-bus is een overdrachtssnelheid van 500 Kb per seconde vrij gebruikelijk. Met ESDI-controllers zijn technisch echter ook al snelheden mogelijk van 1,8 Mb per seconde en hoger. De interleave-factor geeft aan hoe vaak een schijf om zijn as draait voordat alle sectoren van een (1) enkel spoor zijn gelezen. Optimaal is uiteraard dat een schijf daarvoor slechts 1 keer hoeft rond te draaien. Op grond van een aantal factoren, bijvoorbeeld de overdrachtssnelheid en de werksnelheid van de processor, is dat een moeilijk haalbaar ideaal. De interleave-factor bepaalt de logische volgorde van de afzonderlijke sectoren op de harddisk. Met de juiste software kan men de interleave-factor veranderen. Zodat deze factor zo is, dat de computer de harde schijf nog net kan bijhouden. De fabrikant voorziet een harddisk meestal van de fabriek uit al met een interleave factor. Soms wordt deze factor ook aangegeven op de harddisk. Een interleave factor van 1:1 houdt in dat de schijf een keer moet ronddraaien voordat een spoor volledig is ingelezen. Bij een factor van 1:3 houdt dit in dat de schijf drie keer moet rond- draaien voordat het spoor in zijn geheel is gelezen. De factoren 1:6 en 1:12 zijn verder ook nog wel gebruikelijk. 12 Een harddisk die gebruik maakt van thin film media is over het algemeen ook veel sneller dan de conventionele harddisk met een dikkere magnetische laag. Verder is het ook wel belangrijk dat een harddisk niet te veel lawaai maakt. Het is misschien niet het belangrijkste criterium, maar het kan knap vervelend zijn als een harddisk veel lawaai maakt. Een voice coil harddisk is over het algemeen vrij stil. Deze is in ieder geval een stuk stiller dan een harddisk met stappenmotor. Over het algemeen gaat een voice coil harddisk ook langer mee dan een harddisk met stappenmotor. Dit heeft te maken met het verschil in constructie (Zie hoofdstuk 3). Een voice coil harddisk is soms te herkennen aan een oneven aantal koppen (Zie ook hoofdstuk 3). Iets wat ook wel vrij belangrijk kan zijn, vooral als de computer zo af en toe nog wel eens wordt verplaatst, is een harddisk met autoparking. Als een harddisk geen stroom meer krijgt, dus als de computer is uitgeschakeld, houden de schijven op te draaien. De lees- en schrijfkoppen hangen dan ergens boven het oppervlak van de schijven. Door stoten kan het gebeuren dat de koppen met de schijf in aanraking komen en er gegevens verloren gaan. Ook als u de computer inschakelt dreigt er gevaar. Door de spanningspieken bij het inschakelen kunnen delen van de harddisk worden gemagneti- seerd. Die delen worden vervolgens gewist. Daarom is het zeer aan te raden de lees- en schrijfkoppen te parkeren voordat de computer uitgeschakeld wordt. Dit is helemaal van belang als de computer vervoert wordt. Er zijn programma's in de omloop die dit voor u doen. Tegenwoordig echter is dit niet meer nodig. De meeste harddisks verplaatsen de koppen naar een positie waar ze geen schade meer kunnen aanrichten nadat de computer is uitgezet. Nadat de computer is uitgezet draaien de schijven nog even door. Daarbij wordt stroom gegenereerd. Het automatische parkeerproces gebruikt die stroom om de stappenmotor aan te drijven die de lees- en schrijfkoppen vervolgens naar de parkeerpositie (Het midden van de schijf) verplaatst. 13 Tegenwoordig maken ook steeds meer harddisks gebruik van de zogenaamde zone bit recording. Dit is ontwikkeld om een betere opslagcapaciteit te bereiken. Meestal bevat elk spoor van de harddisk dezelfde hoeveelheid gegevens. Het aantal sectoren per spoor is dus gelijk op de binnenste en buitenste sporen. Dat komt erop neer dat de schrijf- dichtheid op de binnenste sporen veel hoger is. Omdat de kwaliteit van de magnetische laag over de hele schijf toch gelijk is, is dezelfde schrijfdichtheid ook te bereiken op de buitenste sporen. Hetzelfde wordt ook gedaan met CD's. Door zone bit recording toe te passen verdeelt de fabrikant de schijf in meerdere gebieden. In het binnenste gebied, waar de schrijfdichtheid het hoogst is, wordt het kleinste aantal sectoren per spoor gebruikt. In het middelste gebied stijgt het aantal sectoren per spoor en daardoor ook de schrijfdichteid en de opslagcapaciteit. Op dezelfde manier worden ook de buitenste sporen aangepast. Harddisk-fabrikant Seagate werkt tegenwoordig aan een harddisk met 615 cilinders. Voor de buitenste sporen geldt een indeling van 52 sectoren per spoor, voor de middelste 39 sectoren per spoor en voor de binnenste 26 sectoren per spoor. Hierdoor bereikt Seagate 30 procent meer opslagcapaciteit. Alleen het beheer wordt iets ingewikkelder. Dit laatste wordt door de harddisk-fabrikant natuurlijk niet opgegeven. Want het maakt de klant toch niet uit hoe de harddisk ingedeeld wordt, als er maar wordt voldaan aan de juiste hoeveel- heid opslagcapaciteit. Wat de fabrikant over het algemeen wel opgeeft is de shock-rating. Een harddisk is slechts beperkt bestand tegen stoten. Natuurlijk proberen de fabrikanten hun harddisks zo robuust mogelijk te maken, maar het is technisch onmogelijk een harddisk helemaal schokbestendig te maken. Vandaar dat door de fabrikanten een schokbestendigheidsfactor wordt opgegeven. Hiermee geeft de fabrikant aan welke belastingen de harddisk in rust en in bedrijf kan ondergaan zonder schade op te lopen. De shock-rating wordt aangegeven in G. Een (1) G (gravitatie) is 1 keer de aantrekkingskracht van de aarde. Meestal verdraagt een harddisk in bedrijf stoten van 10 G en in rust stoten tot 20 G zonder dat er gegevens verloren gaan. 14 Harddisks in draagbare computers moeten uiteraard een grotere schokbestendigheid hebben dan die in desktops. Mocht het zo zijn dat er bij aankoop keuze is tussen twee harddisks, dan verdient de harddisk met de hoogste shock rating de aanbeveling. Deze is over het algemeen het veiligst. De harddisk-fabrikant geeft over het algemeen ook wel de MTBF op. Wat houdt dit nu in? Het is mogelijk op te geven wanneer er mogelijk fouten gaan optreden op een harddisk. De fabrikanten van harddisks vermelden de gemiddelde tijdsduur van foutloos werken met een bepaalde harddisk in de eenheid MTBF. Dit staat voor Mean Time Between Failures. Een MTBF van 40.000 betekent er pas een mechanische of een elektrische fout te verwachten is na 40.000 uur. Deze tijd gaat in nadat de harddisk nieuw in gebruik is genomen. Bovengenoemd aantal uren komt neer op ongeveer 4,5 jaar. De MTBF is echter wel een gemiddelde waarde. Het kan zo zijn dat een harddisk met een MTBF van 40.000 pas na 10 jaar de geest geeft. Het kan ook echter zo zijn dat de harddisk na 10 uur er al voorgoed mee ophoudt. De meeste harddisks hebben een MTBF-waarde tussen de 20.000 en de 40.000 uur. Als er een fout is opgetreden, laat men de harddisk repareren. Met de MTTR, Mean Time To Repair, bepalen de fabrikanten de tijd die nodig is om de defecte harddisk te repareren. De MTTR-waarde geeft dus aan hoe lang een monteur met de reparatie bezig is. De meest harddisks hebben een MTTR van ongeveer een half uur. Een Conner of Quantum harddisk blinkt uit door grote betrouwbaar- heid, geringe geluidsproduktie en een laag stroomverbruik. Een lager stroomverbruik betekent tevens minder warmteontwikkeling, waardoor een geregelde koeling minder vaak aangesproken hoeft te worden. Goede harddisks (dit is ook in de prijs te merken) zijn: Quantum, Conner en Maxtor. Redelijke harddisks zijn onder andere: NEC, Micropolis, Imprimis, Microscience, Rodime, Miniscribe en Seagate. 15 5. Samenvatting. Dit verslag ging over harddisks. Ik heb gekozen voor dit verslag omdat een harddisk tegenwoordig tot de standaard-uitrusting behoort. Tevens vond ik het voor mezelf wel een interessant onderwerp omdat ik bij mijn nieuwe stage plek bij Jonkers Data nogal regelmatig met verschillende harddisks in aanraking kom. Hoofdstuk twee was een wat algemeen hoofdstuk. Hierin werd uitgelegd hoe een harddisk grofweg gemaakt wordt. Tevens werd in dit hoofdstuk kennis gemaakt met verschillende controllers zoals: IDE, SCSI enz... Hoofdstuk drie ging wat dieper in op de harddisk. Zo werd in dit hoofdstuk uitgelegd wat de voor en nadelen waren van IDE, EIDE en SCSI. Tevens werd in dit hoofdstuk termen als voice coil en Winchester koppen uitgelegd. Hoofdstuk vier behandelde de aanschaf van een harddisk. "Wat is belangrijk?" en "Waar moet je op letten?" werd voor het grootste gedeelte in dit hoofdstuk uitgelegd. Tevens heb ik in dit hoofd- stuk nog wat termen verklaard die belangrijk zijn bij de aanschaf van een harddisk. Zo heb ik in dit hoofdstuk bijvoorbeeld uitge- legd wat de kreten MTBF en MTTR inhouden. Bronvermelding. Data Beckers Nederland, Het grote Harddisk boek, 1e druk, Utrecht, 1990 Peter Smit. "De harddisk intern Een harddisk voor iedereen", Atari ST Nieuws, 4 (1991), p. 23 - 25. Dirk Peeters en Josef Schildermans, "Keiharde Opslag", Computer ! Totaal, 4 (1995), p. 29 - 37 ~BRIEF2.BLK~